Recht als religie
Canonieke onderbouw van de vroegmoderne staatshervorming in de Zuidelijke Nederlanden
Bart Wauters (Author),
In deze studie werden de verhoudingen tussen Kerk en Staat als basis voor het Westerse constitutionele model onderzocht. De verhoudingen tussen Kerk en Staat hebben tussen de 15de en 18de eeuw een fundamentele bijdrage geleverd aan de ontwikkeling van subjectieve natuurlijke rechten (zgn. grondrechten of mensenrechten), en van de notie van constitutionele normen. Toch wordt deze periode traditioneel beschouwd als het hoogtepunt van het vorstelijk absolutisme, waarin geen respect bestond voor grondrechten van de onderdanen. Maar precies in het als absolutistisch te kwalificeren proces waarin de Staat zich geleidelijk opwierp als enige publiekrechtelijke macht, ten koste van o.a. de Kerk, werden door juristen en kerkjuristen argumenten gebruikt die wijzen op de institutionele bescherming van grondrechten van de onderdanen, zoals het recht op een eerlijk proces of het recht op vreedzaam bezit. Deze argumenten werden op de eerste plaats ingeroepen tegenover de kerkelijke overheid, maar meer en meer ook tegenover het staatsgezag zelf. Het is daarbij opmerkelijk dat deze argumenten afkomstig waren uit het Romeins recht en uit het middeleeuws kerkelijk recht. Het kerkelijk recht functioneerde met andere woorden als het model voor de Westerse Staat, zowel in de centraliserende-absolutistische dynamiek als in de bescherming van grondrechten van onderdanen.
Dit onderzoek reconstrueert de ontwikkeling van twee rechtsfiguren die de verhoudingen tussen Kerk en Staat tussen de 15de en de 18de eeuw hebben bepaald, en waarvan nog een vage echo is terug te vinden in de Belgische grondwet van 1831 (art. 16). Deze rechtsfiguren vormen de kern van het vroegmoderne juridische stelsel van verhoudingen tussen Kerk en Staat, omdat ze de Staat toelieten om waar nodig de kerkelijke wetgeving en rechtspraak te controleren. In de rechtsleer werden deze rechtsfiguren op relatief eenvormige wijze verantwoord: de Staat heeft de plicht om de rechten van de onderdanen te beschermen tegenover geweld van allerlei aard, ook indien dat ‘geweld’ afkomstig is van de kerkelijke overheid. Hieruit groeide het idee dat deze rechten ook konden ingeroepen worden tegenover geweld dat van het staatsgezag uitging.
De resultaten van dit onderzoek werden geanalyseerd vanuit een historisch en rechtstheoretisch perspectief. Om na te gaan of, en hoe, de vroegmoderne verhoudingen tussen Kerk en Staat hebben bijgedragen tot de ontwikkeling van subjectieve natuurlijke rechten of constitutionele normen, is het nodig om te weten wat ‘subjectieve natuurlijke rechten’ of ‘constitutionele normen’ zijn. Impliciet heeft dat ook betrekking op de vraag naar de fundamenten en de legitimatie van het recht.
Verantwoording
DEEL I – HET GELOOF IN HET RECHT
Hoofdstuk I – De middeleeuwse politieke theologie
1. De politieke theologie van de Gregoriaanse hervorming: ecclesiologische, institutionele en juridische aspecten, 11de-13de eeuw
2. De triomf van de Staat
3. Conciliarisme, corporatisme en constitutionalisme
Hoofdstuk II – Politieke theologie in de Nieuwe Tijd
1. De monarchie van goddelijk recht: de politieke theologie na Reformatie en katholieke hervorming, 16de-18de eeuw
2. Determinanten in de evolutie van het vroegmoderne soevereiniteitsbegrip
3. Rechtsbronnen en rechtsfiguren tussen Kerk en Staat
DEEL II – DE DOGMATIEK VAN HET RECHT
Hoofdstuk III – Het vorstelijk placetrecht in de canonieke doctrine
1. Distinctio 4 en de receptie van de wet
2. Wetgeving en ontwikkeling
3. De rechtsleer rond het vorstelijk placetrecht
Hoofdstuk IV – De recursus ad principem in de canonieke doctrine
1. Bezit en procedure volgens de klassieke canonistiek
2. De constructie van de recursus ad principem
3. De rechtsleer rond de recursus ad principem
DEEL III – Recht als religie
Hoofdstuk V – Subjectieve rechten in de objectieve rechtsorde
1. Kerk-Staat-verhoudingen als onderbouw van de objectieve rechtsorde
2. Kerk-Staat-verhoudingen als onderbouw van de idee van subjectieve rechten
3. Het rechtssubject in de objectieve rechtsorde
Hoofdstuk VI – Recht als religie
1. De excommunicatie
2. Subjectieve goddelijke rechten
3. Verhoudingen tussen Kerk en Staat in België
Conclusies
Afkortingen
Frequently Asked Questions
What is "Recht als religie" about?
In deze studie werden de verhoudingen tussen Kerk en Staat als basis voor het Westerse constitutionele model onderzocht. De verhoudingen tussen Kerk en Staat hebben tussen de 15de en 18de eeuw een fundamentele bijdrage geleverd aan de ontwikkeling van subjectieve natuurlijke rechten (zgn. grondrechten of mensenrechten), en van de notie van constitutionele normen. Toch wordt deze periode traditioneel beschouwd als het hoogtepunt van het vorstelijk absolutisme, waarin geen respect bestond voor grondrechten van de onderdanen. Maar precies in het als absolutistisch te kwalificeren proces waarin de Staat zich geleidelijk opwierp als enige publiekrechtelijke macht, ten koste van o.a. de Kerk, werden door juristen en kerkjuristen argumenten gebruikt die wijzen op de institutionele bescherming van grondrechten van de onderdanen, zoals het recht op een eerlijk proces of het recht op vreedzaam bezit. Deze argumenten werden op de eerste plaats ingeroepen tegenover de kerkelijke overheid, maar meer en meer ook tegenover het staatsgezag zelf. Het is daarbij opmerkelijk dat deze argumenten afkomstig waren uit het Romeins recht en uit het middeleeuws kerkelijk recht. Het kerkelijk recht functioneerde met andere woorden als het model voor de Westerse Staat, zowel in de centraliserende-absolutistische dynamiek als in de bescherming van grondrechten van onderdanen.
Dit onderzoek reconstrueert de ontwikkeling van twee rechtsfiguren die de verhoudingen tussen Kerk en Staat tussen de 15de en de 18de eeuw hebben bepaald, en waarvan nog een vage echo is terug te vinden in de Belgische grondwet van 1831 (art. 16). Deze rechtsfiguren vormen de kern van het vroegmoderne juridische stelsel van verhoudingen tussen Kerk en Staat, omdat ze de Staat toelieten om waar nodig de kerkelijke wetgeving en rechtspraak te controleren. In de rechtsleer werden deze rechtsfiguren op relatief eenvormige wijze verantwoord: de Staat heeft de plicht om de rechten van de onderdanen te beschermen tegenover geweld van allerlei aard, ook indien dat 'geweld' afkomstig is van de kerkelijke overheid. Hieruit groeide het idee dat deze rechten ook konden ingeroepen worden tegenover geweld dat van het staatsgezag uitging.
De resultaten van dit onderzoek werden geanalyseerd vanuit een historisch en rechtstheoretisch perspectief. Om na te gaan of, en hoe, de vroegmoderne verhoudingen tussen Kerk en Staat hebben bijgedragen tot de ontwikkeling van subjectieve natuurlijke rechten of constitutionele normen, is het nodig om te weten wat 'subjectieve natuurlijke rechten' of 'constitutionele normen' zijn. Impliciet heeft dat ook betrekking op de vraag naar de fundamenten en de legitimatie van het recht.
Who wrote "Recht als religie"?
"Recht als religie" was written by Bart Wauters.
Is "Recht als religie" part of a series?
Yes, "Recht als religie" is part of the "Symbolae Facultatis Litterarum Lovaniensis - Series B" series. It's book 35 in the series.
What is the Table of Contents for "Recht als religie"?
Verantwoording
DEEL I - HET GELOOF IN HET RECHT
Hoofdstuk I - De middeleeuwse politieke theologie
1. De politieke theologie van de Gregoriaanse hervorming: ecclesiologische, institutionele en juridische aspecten, 11de-13de eeuw
2. De triomf van de Staat
3. Conciliarisme, corporatisme en constitutionalisme
Hoofdstuk II - Politieke theologie in de Nieuwe Tijd
1. De monarchie van goddelijk recht: de politieke theologie na Reformatie en katholieke hervorming, 16de-18de eeuw
2. Determinanten in de evolutie van het vroegmoderne soevereiniteitsbegrip
3. Rechtsbronnen en rechtsfiguren tussen Kerk en Staat
DEEL II - DE DOGMATIEK VAN HET RECHT
Hoofdstuk III - Het vorstelijk placetrecht in de canonieke doctrine
1. Distinctio 4 en de receptie van de wet
2. Wetgeving en ontwikkeling
3. De rechtsleer rond het vorstelijk placetrecht
Hoofdstuk IV - De recursus ad principem in de canonieke doctrine
1. Bezit en procedure volgens de klassieke canonistiek
2. De constructie van de recursus ad principem
3. De rechtsleer rond de recursus ad principem
DEEL III - Recht als religie
Hoofdstuk V - Subjectieve rechten in de objectieve rechtsorde
1. Kerk-Staat-verhoudingen als onderbouw van de objectieve rechtsorde
2. Kerk-Staat-verhoudingen als onderbouw van de idee van subjectieve rechten
3. Het rechtssubject in de objectieve rechtsorde
Hoofdstuk VI - Recht als religie
1. De excommunicatie
2. Subjectieve goddelijke rechten
3. Verhoudingen tussen Kerk en Staat in België
Conclusies
Afkortingen
Related titles
Toekomstdromen
Maarten Van Dijck (Editor), Gerrit Verhoeven (Editor), Hans Cools (Editor),
October 2026
Trend en toeval – vierde editie
Bruno Blondé (Author), Isabelle Devos (Author), Jord Hanus (Author), Wouter Ryckbosch (Author),
August 2026
Brusselse plaatsnamen
Iadine Degryse (Editor), Benjamin Wayens (Editor), Chantal Kesteloot (Editor), Dennis De Vriese (Editor), Matthijs Degraeve (Editor),
April 2026
Cartographies of Catastrophes
Laura Demeter (Editor), Carmen M. Enss (Editor), Piotr Kisiel (Editor), Carol Ludwig (Editor),
February 2026
Vroegmoderne dieren in de Nederlanden
Judith Brouwer (Editor), djoeke van Netten (Editor),
November 2025
Denken en dialogeren over identiteit
Karel Van Nieuwenhuyse (Author), Bauke Verbergt (Author), Greet Vermeiren (Author), Ellen Claes (Author),
November 2025
