Het beleid van de jeugdmagistraat

Marieke Franssens, Johan Put, and Johan Deklerck

Regular price €37.00 (including 21% VAT) Sale

Edited volume - ebook

VIEW Edited volume - paperback
In de gerechtelijke jeugdbescherming valt de laatste jaren een stijgend aantal vorderingen en opgelegde maatregelen te noteren, zowel in zaken met betrekking tot problematische opvoedingssituaties (POS) als jeugddelinquentie (MOF). Deze toename is deels het gevolg van een groeiende instroom van minderjarigen. Daarnaast zijn ook de beslissingen van parketmagistraten en jeugdrechters in de verschillende fases van de gerechtelijke procedure van groot belang. En juist over de manier waarop deze beslissingen tot stand komen, is weinig gekend. In Het beleid van de jeugdmagistraat onderzoeken de auteurs welke factoren een rol spelen in het beslissingsproces van parketmagistraten en jeugdrechters. Niet alleen bewuste, rationele overwegingen worden daarbij in kaart gebracht. Dit boek biedt een breed overzicht van de vele juridische, psychosociale en menselijke factoren die van invloed zijn op het nemen van belangrijke beslissingen over het leven van een kind of een jongere. De conclusies en aanbevelingen van de auteurs zijn van groot belang voor en toepasbaar in zowel de rechtspraktijk als het jongerenwelzijnswerk.
INHOUDSOPGAVE
Lijst met afkortingen
Lijst met tabellen Lijst met figuren

DEEL I.

Inleidende beschouwingen

1. Situering van het onderzoek
2. Onderzoeksvragen
3. Onderzoeksdesign
4. Structuur van het boek

DEEL II. JURIDISCHE ANALYSE
  
1. Inleiding
2. Algemeen: het legaliteitsbeginsel
3. Het wettelijk kader voor het optreden in protectionele zaken
3.1 Wettelijk kader in geval van problematische       opvoedingssituaties
3.2 Wettelijk kader in geval van als misdrijf omschreven feiten
4. Het vorderingsbeleid van de jeugdparketmagistraat
4.1 De organisatorische context van de jeugdparketmagistraat
4.2 Het monopolie van saisinerecht en het opportuniteitsbeginsel
4.3 Beleidsinstrumenten
4.4 Mogelijke interventies van parketmagistraten in geval van POS 4.5 Mogelijke interventies van parketmagistraten in geval van MOF
5. Het beslissingsbeleid van de jeugdrechter
5.1 De organisatorische context van de jeugdrechter
5.2 De onafhankelijkheid van de (jeugd)rechter
5.3 De doorwerking van gerechtelijke precedenten in het jeugdrecht
5.4 Mogelijke interventies van de jeugdrechter in geval van POS 5.5 Mogelijke interventies van de jeugdrechter in geval van MOF 6. Conclusie

DEEL III. LITERATUURONDERZOEK

1. Inleiding
2. Factoren van invloed op de besluitvorming inzake MOF
2.1 Delictkenmerken
2.2 Persoonlijke kenmerken van de minderjarige
2.3 Relationele en omgevingskenmerken van de minderjarige
2.4 De persoonlijkheid van de jeugdmagistraat
2.5 De interactie met andere actoren
2.6 Organisatorische en contextuele factoren
2.7 De beschikbaarheid en toegankelijkheid van het hulpverleningsaanbod
2.8 Doelstellingen van de interventie ten aanzien van een minderjarige delinquent
2.9 Synthese: besluitvorming inzake MOF en keuzes voor het eigen onderzoek
3. Factoren van invloed op de besluitvorming inzake POS
4. Conclusie

DEEL IV. HET EMPIRISCH ONDERZOEK

Subdeel I. het onderzoeksdesign

1. Inleiding
2. Selectie en werving van de onderzoekseenheden
2.1 De onderzoekseenheden
2.2 Selectie arrondissementen
2.3 De werving van de onderzoekseenheden
3. Dataverzameling
3.1 Dossieranalyses
3.2 Open interviews
4. Data-analyse
4.1 Analyse van de dossiers
4.2 Analyse van de open interviews
5. Betrouwbaarheid en validiteit

Subdeel II. onderzoeksresultaten parketniveau

1. Inleiding
2. Organisatorische aspecten
2.1 Organisatie van het ‘jeugdparket'
2.2 Organisatie van het overleg tussen de jeugdparketmagistraten 3. Professioneel parcours van de parketmagistraten
4. Tijdsaspecten
5. Beleidsdocumenten
5.1 Richtlijnen van het strafrechtelijk beleid
5.2 Omzendbrieven van het college van procureurs-generaal
5.3 Omzendbrieven van de procureur-generaal
5.4 Beleid van de procureur des Konings
5.5 Beleid op het niveau van het ‘jeugdparket'
5.6 Federaal veiligheidsplan
5.7 Lokale veiligheidsplannen
5.8 Besluit: invloed beleidsdocumenten
6. Soepelheid inzake de kwalificatie van protectionele dossiers
7. Contacten en samenwerking met andere actoren
7.1 Contacten en overleg met de jeugdparketmagistraten van andere arrondissementen
7.2 Contacten en afspraken met de jeugdrechters van het eigen arrondissement
7.3 Samenwerking met de parketcriminoloog
7.4 Samenwerking met de politie
7.5 Samenwerking met het CBJ
7.6 Samenwerking met de bemiddelingscommissie
7.7 Contact met en advies van de sociale dienst bij de jeugdrechtbank
7.8 Contact met hulpverleners van voorzieningen en instellingen 7.9 Contacten en samenwerking met relevante externe actoren 7.10 Besluit: invloed van contacten en samenwerking met andere actoren
8. Het vorderingsbeleid in POS-dossiers
8.1 Belangrijkste beïnvloedende factor
8.2 Contact met de minderjarige
8.3 Persoonlijke en relationele kenmerken van de minderjarige
8.4 Eerdere hulpverlening ten aanzien van de minderjarige
8.5 Redenen om een POS-dossier zonder gevolg te klasseren
8.6 Redenen om een POS-dossier door te verwijzen naar het CBJ 8.7 Redenen om een POS-dossier door te verwijzen naar de bemiddelingscommissie
8.8 Vorderen van de jeugdrechter voor een POS, na doorverwijzing van de bemiddelingscommissie
8.9 Gevallen waarin men voor een POS een vordering hoogdringendheid instelt
8.10 Redenen om ten gronde te dagvaarden in een POS-dossier 8.11 Het vorderingsbeleid in POS-dossiers: conclusie
9. Het vorderingsbeleid in MOF-dossiers
9.1 Belangrijkste beïnvloedende factor
9.2 Contact met de minderjarige
9.3 De publieke opinie
9.4 Voorstel tot herstelbemiddeling
9.5 Gevallen waarin men een voorstel tot ouderstage opportuun acht
9.6 Redenen om een MOF-dossier te seponeren
9.7 Redenen om de jeugdrechter te vorderen voor een MOF-dossier
9.8 Redenen om ten gronde te dagvaarden in een MOF-dossier 9.9 Het vorderingsbeleid in MOF-dossiers: conclusie
10. Synthese: resultaten parketniveau

Subdeel III. onderzoeksresultaten jrb-niveau

1. Inleiding
2. Organisatorische aspecten
3. Professioneel parcours van de jeugdrechters
4. Tijdsaspecten
5. Het hulpverleningsaanbod
5.1 Tekort aan plaatsen in het hulpverleningsaanbod
5.2 Kennis van het hulpverleningsaanbod
6. Contacten en samenwerking met andere actoren
6.1 Contacten en afspraken met de jeugdrechters van andere arrondissementen
6.2 Samenwerking met de jeugdparketmagistraten
6.3 Contact met en advies van de sociale dienst bij de jeugdrechtbank
6.4 Contacten en samenwerking met de hulpverlening
6.5 Contact met en inbreng van de jeugdadvocaten
6.6 Besluit: invloed van contacten en samenwerking met andere actoren
7. Het beslissingsbeleid in POS-dossiers
7.1 Belangrijkste beïnvloedende factor
7.2 Decretale principes
7.3 Contextuele factoren
7.4 De betrokken partijen
7.5 Persoonlijke kenmerken van de minderjarige
7.6 Relationele en omgevingskenmerken van de minderjarige
7.7 Structurele factoren
7.8 Het beslissingsbeleid in POS-dossiers: conclusie
8. Het beslissingsbeleid in MOF-dossiers
8.1 Belangrijkste beïnvloedende factor
8.2 Juridische factoren
8.3 Contextuele factoren
8.4 De betrokken partijen
8.5 De publieke opinie
8.6 Doelstelling van de interventie ten aanzien van een minderjarige delinquent
8.7 Het beslissingsbeleid in MOF-dossiers: conclusie
9. Synthese: resultaten jeugdrechtbankniveau

DEEL V. CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN

1. Inleiding
2. Thematische terugkoppeling van het empirisch onderzoek naar de juridische analyse
2.1 Algemeen: het kwalificatievraagstuk
2.2 Het parketniveau 2.3 Het jeugdrechtbankniveau
3. Thematische terugkoppeling van het empirisch onderzoek naar de literatuurstudie
3.1 Delictkenmerken
3.2 De origine van de minderjarige
3.3 De familiale context van de minderjarige
3.4 De persoonlijkheid van de magistraat versus de organisatorische context
3.5 Het hulpverleningsaanbod
3.6 De interactie met andere actoren
3.7 De rol van de minderjarige
4. Herneming van de onderzoeksvragen
4.1 Onderzoeksvraag 1
4.2 Onderzoeksvraag 2
4.3 Onderzoeksvraag 3
4.4 Onderzoeksvraag 4
4.5 Onderzoeksvraag 5
5. Aanbevelingen
5.1 Transversale aanbevelingen
5.2 Aanbevelingen per actor

BIBLIOGRAFIE
Wetgeving
Rechtspraak
Beleidsdocumenten
Boeken
Bijdragen in verzamelwerken
Bijdragen in tijdschriften
Onderzoeksrapporten Varia Internet

BIJLAGEN
Bijlage 1: Vragenlijst parketmagistraten
Bijlage 2: Vragenlijst jeugdrechters
Bijlage 3: Codeboom parketniveau
Bijlage 4: Codeboom jeugdrechtbankniveau

Format: Edited volume - ebook

352 pages

ISBN: 9789461660480

Publication: March 20, 2013

Series: Society, Crime and Criminal Justice 34

Languages: Dutch; Flemish

Johan Deklerck is als doctor in de criminologie verbonden aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid KU Leuven, en verantwoordelijk voor de Academische Lerarenopleiding.
Johan Put is hoogleraar aan de KU Leuven, verbonden aan het Instituut voor Sociaal Recht (ISR) en het Leuvens Instituut voor Criminologie (LINC).
Marieke Franssens is assistent aan het Leuvens Instituut voor Criminologie (LINC), een afdeling van de KU Leuven en stafmedewerkster bij het Kenniscentrum voor Kinderrechten (KeKi).